Ze  bestoken de wereld met de meest fantastische fabels
Door: F.t.H.
1 december 2010, Kislev 24, 5771

De strijd om Jeruzalem en het Heilige Land gaat in alle hevigheid door. De politieke en religieuze leugenaars van het PA/PLO bewind doen er werkelijk alles aan de geschiedenis van Israel te herschrijven. Zo heeft het Ministerie voor Informatie van het bewind in Ram-allah op 22 november 2010 een ‘wetenschappelijke studie’   http://www.jpost.com/Israel/Article.aspx?id=196329  gepresenteerd waarin wordt beweerd dat de Joden geen enkele historische aanspraak kunnen maken op de Westelijke Muur, (Klaagmuur of Kotel). Uitvoerig onderzoek zou hebben uitgewezen dat de Westelijke Muur, een integraal onderdeel  uitmaakt van de Al-Aksa Moskee en de Haram al-Sharif (de islamitische naam voor de Tempelberg).  De studie is afkomstig van Al-Mutawakel Taha, een Palestijnse dichter en schrijver die verbonden is aan de Fatah beweging van PA/PLO leider  Mahmoud Abbas. http://www.nytimes.com/2010/11/26/world/middleeast/26mideast.html?_r=1  Taha heeft eigenhandig dit ‘bewijsmateriaal’ opgesteld als zijnde een authentiek historisch document. http://www.minfo.ps/English/index.php?pagess=home  Volgens deze gelegenheid ‘historicus’ maakt ‘de zionistische bezetting valse en onterechte aanspraken op deze muur.’

Taha benadrukt dat de afgelopen decennia de Joden niet hebben kunnen aantonen dat de muur iets met hun religie van doen heeft. “Vele studies die door Joodse deskundigen werden gepubliceerd hebben bevestigd dat er geen enkel archeologisch bewijs is dat de Tempelberg werd gebouwd tijdens de periode van koning Salomo,” aldus Taha. Dat deze bewering een pertinente leugen is mag duidelijk zijn. Er zijn in de loop der jaren duizenden archeologische bewijzen gevonden van Joodse aanwezigheid in het land!   http://www.franklinterhorst.nl/Archeologische_20vondsten_20bevestigen_20de_20Bijbel.htm  De ‘studie’ van Taha zou ook hebben uitgewezen dat de Klaagmuur vóór de Balfour Declaratie van 1917, waarin het Joodse volk de  hergeboorte van de Joodse nationaliteit werd beloofd, nooit een plaats van aanbidding voor hen is geweest.  http://en.wikipedia.org/wiki/Balfour_Declaration_of_1917

Zie hoe anders de waarheid is en hoe gemakkelijk dit soort leugens kunnen worden weerlegd.

 Biddende joden bij de klaagmuur in 1877   Biddende joden bij de Klaagmuur in 1895
Links biddende Joden bij de Klaagmuur in 1877 en rechts in 1895

De beweringen van Taha zijn niet nieuw want een heel leger aan zogenaamde Palestijnse ‘deskundigen’ hebben in het verleden eveneens de  fabel verkondigd dat de Klaagmuur een integraal onderdeel  vormt van de Al-Aksa Moskee en de  Haram al-Sharif en dat er op de Tempelberg nooit een Joodse tempel heeft gestaan. Volgens de Palestijnse historicus Nabil Alqam zijn de Joden wanhopig op zoek naar bewijzen voor hun geschiedenis in het land en zijn ze daarvoor druk bezig ‘Palestijnse symbolen te stelen en ze voor hun eigen identiteit uit te buiten en te vervalsen.’

De voormalige Moefti van Jeruzalem Ikrima Sabri eiste ook de Klaagmuur op omdat er volgens hem niet de geringste indicatie bestaat voor een vroeger bestaan van een Joodse tempel op het Tempelplein. “In de hele stad is er geen enkele steen, die naar de Joodse geschiedenis verwijst. Ons recht daarentegen is heel duidelijk. Ons behoort deze plaats toe sinds 1500 jaar. De Joden weten niet eens waar hun Tempel precies stond. Daarom erkennen wij hier ook geen enkel recht van hen, noch onder de aarde noch daarboven. Ook in de Klaagmuur is geen enkele steen die iets met de Joodse geschiedenis te maken heeft. Sinds 1930 heeft een comité van de Volkenbond bevolen de Joden daar te laten bidden, opdat zij rustig zouden zijn, maar in geen geval heeft het erkend, dat het hun toebehoort. De muur moet dan ook niet de Klaagmuur worden genoemd, maar de Al Boerak muur, naar het paard van Mohammed. "

Volgens een islamitische legende zou Mohammed een miraculeuze luchtreis naar Jeruzalem hebben gemaakt. Daar aangekomen zou hij zijn paard aan de ‘Klaagmuur’ hebben vastgebonden terwijl hijzelf naar de hemel opsteeg om daar hoogstpersoonlijk een aantal zaken te bespreken met Allah, Jezus en Abraham. Dit verhaal is echter niet meer dan een verzinsel want Mohammed is nooit in Jeruzalem geweest. De waarheid is dat ten tijde van Mohammed- die in 632 na Christus stierf- Jeruzalem een christelijke stad was in het Byzantijnse rijk. Jeruzalem werd pas in 638 door Kalief Omar veroverd. In die tijd stonden er alleen kerkgebouwen in de stad en ook op de Tempelberg. Omstreeks het jaar 711, 79 jaar na de dood van Mohammed werd de Byzantijnse kerk op het Tempelplein in een moskee veranderd. Na wat kleine verbouwingen noemde men de kerk voortaan de Al-Aksa moskee. Mohammed kon dus nooit deze moskee in gedachten hebben gehad, toen hij de Koran schreef, want hij was toen al lang dood. Diverse onderzoekers hebben al lang aangetoond dat het "Buitenste bedehuis "zoals genoemd in de Koran, Soera 17:1, met de moskee in Medina te maken heeft en niets met Jeruzalem. Desondanks houdt men de leugen in stand dat Mohammed ooit Jeruzalem bezocht zou hebben. En zo zijn de theologische mythen van de islam uitgegroeid tot een grote historische zwendel en bestoken ze de wereld met de meest fantastische fabels over hun geschiedenis en proberen ze op deze manier  de wereld te beïnvloeden ter ondersteuning van hun aanspraak op het land.


Jeruzalem, stad van de Vrede


Alles wat ze over de Tempelberg en de Klaagmuur vertellen hangt van leugens aan elkaar en is in tegenspraak met ontelbare historische verslagen en bewijzen dat de Klaagmuur al sinds de verwoesting van de Tweede Tempel door de Romeinen in het jaar 70 het belangrijkste en meest heilige symbool voor zowel de Joodse religie als de Joodse nationaliteit is geweest. Diverse archeologische vondsten hebben Hebreeuwse lettertekens en geven antieke Hebreeuwse namen weer die vanuit de Bijbel bekend zijn. Interessant is dat er tot nu toe nog nooit een archeologische vondst is gedaan waar de naam “Palestina” op voorkwam zoals het land vanaf 136 door de Romeinen werd genoemd. Gezien deze feiten kan men de Palestijnse beweringen als idiote propaganda afdoen. Maar om hun gelijk te bewijzen zijn ze al enige tijd druk bezig met een omvangrijke vernietiging van historische resten op de Tempelberg.

Een groot deel van de stenen in de Klaagmuur vormen een onderdeel van het tempelgebied zoals door Herodus is aangelegd. Volgens de Joodse historicus Josephus Flavius, stond de Tempel van Salomo precies daar waar zich nu de Rotskoepel bevindt. http://nl.wikipedia.org/wiki/Flavius_Josephus  Dit wordt bevestigd door de Joodse archeoloog Leen Ritmeyer (zie onderaan dit document) die in 1992 de uitkomst van een twintig jarig onderzoek heeft gepubliceerd. Volgens hem liggen de fundamenten van het Heilige der Heiligen, precies onder de Rotskoepel.

Zelfs de Koran is er niet onduidelijk over wie recht heeft op het land. Volgens de Korandeskundige Sheikh Dr. Muhammad Al-Husseini laten de commentatoren in de 8ste en 9de eeuw er geen twijfel over bestaan dat Eretz Israel door God is gegeven aan het Joodse volk als een eeuwig durend bezit. Er bestaat geen enkele aanwijzing dat dit land voor de islam bestemd is. Zo citeert Muhammed ibn Jarir al-Tabari (838-923) koranvers 5:21 als volgt: ‘O mijn volk! Trek het Heilige Land binnen dat God voor u bestemd heeft. En tot Mozes en zijn volk, de kinderen van Israël, zei God dat ze het land in bezit moeten nemen.’ Muhammed al-Husseini: ‘Geen enkel ander volk hoe hard ze ook schreeuwen kunnen aanspraak maken op dit land.’ Ook Sura 7:136-137 en Sura 17:103-104 verwijzen naar Israels recht op het land. 

http://www.thejc.com/judaism/judaism-features/what-koran-says-about-land-israel
http://3A/brabosh.com/2009/09/05/nazis-leverden

De meeste geestelijke leiders van de islam gaan ervan uit dat de meerderheid van hun aanhangers de koran niet leest en daarom niets weet van deze verzen. Bij een test in Jeruzalem bleek géén (!!) van de ondervraagden dit te weten. “Palestina behoort de moslims en niet de joden, dat staat in de koran", was het antwoord. Waar het in de koran staat, dat kon niemand zeggen; integendeel, allen spraken over het recht van de moslims op dit land, hoewel het nergens in de 124 soera’s voorkomt. Het land Israel is volgens de koran niet aan de moslims nagelaten en is evenmin heilig voor hen. Door een combinatie van misduiding en geschiedvervalsing is Jeruzalem tot heilige stad gemaakt van de islam.

Zo zijn er -veelal geletterde- Moslims die heel wat anders beweren dat de nazi-propagandisten van het PA/PLO bewind. Onder hen is professor Adbul Hadi Palazzi, leider van de Italiaanse Moslimgemeenschap en professor aan het Onderzoek Instituut voor Antropologische Studies in Rome. 

http://www.templemount.org/quranland.html

http://www.israelnationalnews.com/Blogs/Message.aspx/4006

   Adbul Hadi Palazzi

Palazzi verklaarde dat de Joden recht hebben op héél Israel, en de Palestijnen er niet alleen niets te zoeken hebben, maar als volk zelfs niet eens bestaan. Palazzi vervolgt: “De PLO vertegenwoordigde geen staat en was geen politieke autoriteit. De meeste leiders van de PLO waren afkomstig uit de regio; Arafat was bijvoorbeeld een Egyptenaar, Faizal Husseini (rechterhand van Arafat) kwam uit Irak. De grootste fout is daarom geweest dat deze mensen erkend werden als de vertegenwoordigers van de lokale Arabische bevolking. Het is zelfs zo dat de Arabieren die er woonden hen aanvankelijk niet wilden accepteren als hun leiders, maar zichzelf meer als Jordaniërs dan als Palestijnen bleven beschouwen.”

Sari Nuseibeh deed de  uitspraak in zijn boek 'Where heaven and earth meet", dat de 'Tempelberg een heilige Joodse plaats is'.  Bedreigingen van de extremistische Palestijnse terreurbewegingen hebben hem ondergronds doen gaan, uit angst om zijn leven te verliezen. In 1263-1328 al zijn er al uitspraken gedaan door Ibn Taymiyyah in de trant van: "In Jeruzalem zijn geen heilige plaatsen voor de Moslims en datzelfde geldt voor de graven van Hebron". Jeruzalem wordt niet één keer in de Koran genoemd, vanwaar dan die interesse voor Jeruzalem?  

Volgens Palazzi zegt de Koran dat de Joden zullen terugkeren naar hun land en zegt dat het Palestijnse bewind deze passages uit de Koran heeft geschrapt, maar dat in andere islamitische landen het bewijs gewoon in de Koran kan worden gevonden.  http://www.hetlichtdeslevens.nl/artikel/20dekoranzegt.html  Aangehaald wordt o.a. de tekst uit Koran 17:104: "En Wij zeiden na hem tot de kinderen van Israël: "Blijft gij in het land en wanneer de laatste belofte komt zullen Wij u allen tezamen brengen."  In hoofdstuk 5:21 staat: "O, mijn volk, gaat het heilige land binnen dat Allah voor u heeft bestemd en keert het niet de rug toe, anders zult gij verliezers worden."  Overeenkomstige tekst met de terugkomst van de Joden, staat in Ezechiel 36:24  (New King James Version): " For I will take you from among the nations, gather you out of all countries, and bring you into your own land."

In de Koran (34:10-13) staat ook een verwijzing naar Koning David en naar zijn zoon Salomo. Maar de Koran, die ongeveer 1400 jaar oud is, noemt het woord ‘Jeruzalem’ niet expliciet. Dit is wel opmerkelijk aangezien Jeruzalem al 2000 jaar voor de geboorte van de islam bestond

De Palestijnse hoogleraar en politicus Sari Nusseibeh schreef in november 2009 over de Joodse aanspraak op de Tempelberg in Jeruzalem: “De legendarische tempel in Jeruzalem is waarschijnlijk de plaats, waar de hogepriesters dienst hebben gedaan voor het aangezicht van de Almachtige”. De Palestijnse pers stond vervolgens vol met heftige reacties, want de leugen dat er in Jeruzalem niets te vinden is (wat duidt op Joodse aanwezigheid door de geschiedenis heen) moet met alle middelen in stand worden gehouden. Palestijnse politici en geestelijken waren zo woedend over de publicatie van de wetenschapper, dat hij genoodzaakt was onder te duiken.  Ook is hij door fundamentalistische geestelijken vervloekt. Een link van Dr. Jacques P. Gauthier's http://www.youtube.com/watch?v=4ygHwwOjp-c  staaft de mening van deze man, middels een gevonden Romeinse poort, waar de Tempeldienst nog in gegraveerd staat. Evenzo is er een belletje gevonden in Jeruzalem (leest u hiervoor Jeruzalem) dat ooit in bezit was van een Hogepriester.

Voor de Arabieren als geheel is er nooit een begrip als ‘Palestina’ geweest. Diverse Palestijnse leiders zijn naarstig op zoek naar een historisch verhaal die hun claim op het land zou kunnen bevestigen. Volgens de islamitische raad van het PA/PLO bewind leven de Arabieren al 7500 jaar in ‘Palestina’. Ze nemen zelfs hun toevlucht tot de Bijbel en beweren dat de Palestijnen zouden afstammen van de Jebusieten, Kanaänieten, Hetieten en Filistijnen. Deze volken komen geen van allen voor in de Koran. Ze hebben in feite geen idee waar ze het over hebben want de genoemde volken zijn geen van allen afkomstig van Sem maar van Cham en zijn dus geen Arabieren.

De geschiedenis meldt niets over een Palestijnse president of koning. De term ‘het Palestijnse volk’ duikt voor het eerst op in 1964. Een bedenksel van de voormalige terreurbaas Jasser Arafat om de verschillende terreurbewegingen onder deze gemeenschappelijke noemer te verenigen. Er is nooit een Arabische stroming geweest, die in deze gebieden een eigen land nastreefde, of wilde opbouwen. Niemand had voordat Arafat verscheen ooit van een Palestijns volk gehoord. Dat bestond gewoonweg niet! De Palestijnen en met hen diverse anti-Israel groeperingen, schrikken er niet voor terug de geschiedenis te herschrijven, alleen maar om de Joodse aanspraak op het Beloofde Land ongedaan te maken. Maar het ontbreekt ze aan overtuigend bewijs de Joodse historische claim op het Bijbelse grondgebied onderuit te halen.

Het in Jeruzalem gevestigde Tempelinstituut bezit een kopie van de officiële gids uit 1925 voor de Al-Haram Al-Sharif opgesteld door de Waqf. http://templemountguide.wordpress.com/   Op pagina 4 verklaart de Waqf: “De identiteit van de plaats van de Tempel van Salomo staat buiten kijf. Algemeen wordt aangenomen dat dit de plaats is waarop David een altaar bouwde voor God. De gids verwijst bovendien op pagina 16, naar de ruimte onder het plein, dat wordt aangeduid als de Stallen van Salomo. Volgens de gids dateren deze stallen al van de tijd van de bouw van de Tempel van Salomo. Volgens Josephus Flavius werd het gebruikt als toevluchtsoord door de Joden ten tijde van de verovering van Jeruzalem door Titus in het 70 na Chr.

De geschiedenis leert dat de Tempelberg het hart van Jeruzalem en het land Israel is. De Tempelberg wordt in de Bijbel “de berg van de Heer” genoemd (Genesis 22). Hier, op de berg Moria, legde Abraham zijn zoon Isaäk op het altaar en werd op een bijzondere manier uitgebeeld wat de offers later zouden doen. Op deze zelfde plaats bouwde Salomo later een tempel voor God. Op de plaats zongen de Levitische priesters de God van Israel toe en het was hier dat de Here Jezus als baby in de tempel werd gebracht om aan God te worden voorgesteld. Hier werd het speciale offer gebracht, dat gebracht diende te worden vanwege Zijn geboorte. Hier stond Hij als 12jarige te midden van de geleerden en sprak Hij over het werk van Zijn hemelse vader. Hier gaf Jezus geregeld onderricht aan Zijn discipelen en aan andere luisteraars.

Op deze plaats roepen vandaag de Moslimleiders om de dood van het Joodse volk en de volledige vernietiging van de staat Israel. Ze hebben Israels meest heilige plaats veranderd in een islamitisch heiligdom waar het Joden verboden is hun lippen te bewegen, hun ogen te sluiten voor gebed of zich te buigen.


 

Moslims bidden op Israels Tempelberg

De tempelberg in Jeruzalem is de enige plaats op aarde waar God wilde, dat voor Hem een huis gebouwd zou worden en waar Hij zou wonen. “De Heer heeft Sion verkozen en als woonplaats begeerd: ‘Dit is, voor altijd, mijn rustplaats, hier verlang Ik te wonen.”(Psalm 132:13-14). Van de tempel zei later de Here Jezus, dat het het huis van Zijn hemelse vader was. Deze plaats wordt nu ontheiligd door de islamitische heiligdommen. De islam heeft er een bedehuis voor hun god van gemaakt maar dat zal niet zo blijven want verschillende Bijbelteksten vertellen dat daar in toekomst opnieuw een Tempel voor de God van Israel zal verschijnen.

Jeruzalem zal de plaats zijn waar God in het gericht zal treden met de volken op aarde. Dit zegt de Heer van de hemelse machten: Brandend van liefde neem ik het op voor Jeruzalem en Sion, en ziedend van woede ben ik op de zelfgenoegzame volken.

Op deze plaats zal de Here Jezus Koning worden over de gehele aarde en zal Jeruzalem de hoofdstad van Zijn rijk zijn. “En de HEER zal koning worden over de hele aarde. Dan zal de Heer de enige God zijn en zijn naam de enige naam.”(Zacharia 14:9). Dan zal Jeruzalem niet alleen de hoofdstad van Israël zijn, maar van de gehele wereld. God Zelf beleeft vreugde, als Hij denkt aan de toekomst van Jeruzalem. “Ik herschep Jeruzalem in een jubelende stad en schenk haar bevolking vreugde. Dan zal ik over Jeruzalem jubelen en mij verblijden over mijn volk. Geen geween of geweeklaag wordt daar nog gehoord.”(Jesaja 65:18-19)


Shalom


De locatie van de tempel en het Heilige der Heiligen
Geoubliceerd door:   Leen Ritmeyer
www.theologienet.nl/documenten/Ritmeyer-Tempellocatie.rtf

Gepubliceerd in: Christenen voor Israel, juni 1996
Door Fredi Winkler

STICHTING DE GIHONBRON
MIDDELBURG
2007

JERUZALEM — De Nederlandse ar­cheoloog Leen Ritmeyer, die 20 jaar in Jeruzalem als archeoloog werkzaam was en zich vooral met de Tempel bezighield, publiceerde onlangs de laatste, opzienbarende resultaten van zijn jarenlange onderzoek over de feitelijke plaats van de Tempel.

Vier jaar geleden schreef hij een artikel over het Tempelplein van Salomo, waarin hij bewees dat de Tempel van Salomo op een vierkant platform van 500 bij 500 el (1 el = 52,5 centimeter) stond. Dit staat in het boek van de Mid­dot van de Mishna, dat ongeveer uit het jaar 200 na Christus stamt. Daar het hui­dige Tempelplein een ongelijk vierkant is en nergens een vierkant van 500 bij 500 el te maken is, nam niemand het boek serieus en men hield het voor verzonnen.

Ritmeyers onderzoekingen leidden hem naar archeologische aanknopingspunten, die de oorspronkelijke vierkante vorm aan het licht brachten. Daardoor is duidelijk geworden, dat het hele plat­form door steeds nieuwe gedeelten aan te bouwen veranderd is; alleen de ooste­lijke muur staat nog op de originele fundamenten uit de tijd van koning Salo­mo. Het was een uitdaging te bewijzen, dat de Tempel en het Heilige der Heiligen zich daar bevonden, waar nu de Rotskoepel staat. De taak was niet eenvoudig, omdat nergens archeologische op­gravingen gedaan konden worden.

Criteria

Twee criteria maakten het Ritmeyer mogelijk, de standplaats van de Tempel daar vast te leggen, waar thans de Rotskoepelmoskee staat:
1.) Volgens de Joodse historicus Josep­hus uit de eerste eeuw na Christus stond de Tempel op het hoogste punt van de berg. Daar  op het hoogste punt bevindt zich zoals bekend de Rotskoepel. Dientengevolge moet ook daar de Tempel gestaan hebben. En zeker niemand zal er aan twijfelen, dat de Tempel van Herodes daar stond, op de plaats waar zich ook de Tempel van Salomo bevond.
2.) Volgens de Mishna stond de Tempel niet in het midden van het vierkante platform maar iets verschoven. De grootste vrije ruimte was aan de zuide­lijke zijde, de iets kleinere aan de oostelijke, de nog kleinere aan de noordelijke en de kleinste aan de westelijke zijde. Dat is nu precies van toepassing op het door Ritmeyer weer ontdekte vierkante platform.

Nu moest alleen nog bewezen worden, dat het Heilige der Heiligen precies op de rots (Arabisch: es Sachra) stond, die ongeveer 1,8 meter boven de vloer van de Rotskoepel uitsteekt.
In het boek Middot staat nu, dat de fun­damenten van de Tempel 6 el (3,15 meter) hoog waren, wat buitengewoon is. Wat vereiste zulke hoge fundamenten? Zoals reeds vermeld, steekt de rots in de Rotskoepel ongeveer 1,8 meter boven de vloer uit. Deze gaat echter nog onge­veer 1 meter naar beneden onder de vloer. Pas dan bereikt men de voet van de rots. De buitenste muren van de tempel stonden ongeveer 25 el van de voet van de rots verwijderd; en daar het hele terrein glooiend is, kunnen wij er nog wel ongeveer 30 centimeter bij rekenen. Dat is samen precies de 6 el, zoals het in het boek Middot staat. Zo kunnen wij ook begrijpen, waarom de Tempel zulke hoge fundamenten nodig had, opdat de vloer van de Tempel dezelfde hoogte kreeg als het hoogste punt van de rots.


Rots

De omvang van het onderzoek werd steeds kleiner en concentreerde zich nu op de rots, waar het Heilige der Heiligen stond. Volgens Middot besloeg het Heilige der Heiligen 20 maal 20 el (10,5 bij 10,5 meter), terwijl daarentegen de rots ongeveer 14 bij 18 meter meet. Dit betekent, dat tenminste één muur op de rots moest staan. Het eerste aankno­pingspunt in de verdere puzzel vond Ritmeyer op de oppervlakte van de rots, waar kunstmatige vlakke gedeeltes in de rots zichtbaar zijn, waarvan het doel hem van andere archeologische plaatsen bekend was, namelijk het leggen van rechthoekige blokken natuursteen voor een muur, opdat ze goed vast zouden­ liggen. Door dit nauwkeurig te bekijken, kon hij drie naast elkaar liggende vlakken vaststellen, die samen iets meer dan drie meter meten. Dit is precies de muurdikte van de Tempel volgens Middot. Deze ontdekking was overweldigend. Sporen van de zuidelijke muur van het Heilige der Heiligen waren ont­dekt.

Zijn verdere onderzoek gold nu de westelijke muur van het Heilige der Heiligen. Opvallend was nu, dat de rots daar in een rechte hoek met de zuidelijke muur van het Heilige der Heiligen verloopt en parallel aan de westelijke en oostelijke steunmuur van het Tempelplatform. De rots werd hier daaraan pas­send uitgehouwen. De westelijke muur van het Heilige der Heiligen stond dus aan de voet van de rots, waarop de ark stond. Zo hebben wij al twee muren van het originele Heiligen der Heiligen.

De afstand tussen de zuidelijke muur en de noordelijke rand van de rots is nu verbazingwekkend: 10,5 meter of 20 el. Dit is precies de maat van het heiligdom zoals in Middot aangegeven. De noor­delijke en westelijke muur stond dus precies op de daarvoor uitgehouwen kant aan de voet van de rots. Daarmee hebben wij reeds drie oorspronkelijke muren van het Heilige der Heiligen.

Aan de oostelijke zijde was geen muur. In de Tempel van Salomo was het Heilige der Heiligen gescheiden door een wand van olijfhout. In de Herodiaanse Tempel door een gordijn (het voorhangsel). Dat bevestigt ook het Nieuwe Testament, bijvoorbeeld in Matthéüs 27:51, maar ook in het Markus en het Lukas Evangelie. Daarom zijn er geen tekenen van een muur aan de oostelijke kant te de vinden. Het schijnt dat hier een licht glooiend pas was, dat omhoog naar het Heilige der Heiligen leidde.

Openbaring

De verdere ontdekkingen lijken wel een openbaring te zijn. Daar men de rots vanwege zijn hoogte niet goed kan overzien, is het praktisch slechts aan de hand van foto's mogelijk, die vanuit de Rotskoepelmoskee genomen werden, out de oppervlakte van de rots te onderzoeken. Tijdens een vlucht naar Israël, zo beschrijft Ritmeyer, bekeek hij de foto van de rots, waarop hij reeds provi­sorisch de muren van het Heilige de Heiligen ingetekend had, tot het hem plotseling opviel, dat in het midden daarvan een iets donkerder schijnende rechthoek zichtbaar was. De eerste ge­dachte was meteen, dat hier beslist de ark gestaan moest hebben. Maar dit moest eerst nauwkeurig onderzocht worden, om niet een valse sensatiejager genoemd te worden, wat zo menigeen reeds overkwam, die beweerde de juiste plaats van de ark gevonden te hebben. Hij probeerde de theorie door andere verklaringen van zich af te schuiven. Maar toen hij de rechthoekige uitholling ging opmeten, bracht dit een verdere fantastische verassing: de maat van 80 bij 130 centimeter is omgerekend pre­cies 1,5 bij 2,5 el. Dat komt precies overeen met de maat van de ark, zoals die in Exodus 25:10 beschreven staat. Dat de unieke uitholling de plaats van de ark markeerde, is onweerlegbaar.

De Bijbelse teksten bevatten sterke aan­knopingspunten, dat een speciale plaats voor de ark bereid was. In 1 Koningen 8:6 staat: "Vervolgens brachten de priesters de ark van het verbond des Heren naar haar plaats, de achterzaal van het huis, het Heilige der Heiligen, onder de vleugels van de cherubs." Het is slechts logisch, dat dit heilige object een vaste standplaats moest hebben. Het uithakken van een plat vlak uit de rots schijnt de meest voor de hand liggende oplossing te zijn.

Slechts één ding scheen aan de oriënta­tie van de uitholling vreemd te zijn, na­melijk, dat de korte voorkant van de ark naar voren wees. Maar een nader onderzoek laat zien, dat deze positie noodza­kelijk was, omdat anders de priesters de lange draagbalken niet uit hun houder zouden kunnen trekken, omdat zij vol­gens de Talmoed 10 el lang waren en bij een lengte van het Heilige der Heiligen van 20 el de ruimte om te manoeuvreren te weinig was. Slechts met de voorzijde naar de ingang konden de draagbalken er uit getrokken worden.

Hoeksteen

In de Tweede Tempel was de ark niet meer aanwezig, maar er wordt over de hoeksteen (Even Ha Sjetijah) gespro­ken, waar de hogepriester op Yom Kip­pur binnen naar toe ging. Ritmeyer denkt nu, dat dát dus de plaats was, waarop de hogepriester het bloed sprengde, toen de ark er niet meer was. Velen zullen vragen, waarom Israëli­sche archeologen dit niet reeds lang ont­dekt hebben, omdat zij toch bijna elke steen in het Heilige Land bestudeerd hebben, vooral in Jeruzalem. Zij hebben 'es lachra' (de rots) gemeden als de plaag van God, die vanwege de volkstelling over David kwam (2 Samuel 24). Dit klaarblijkelijk vanwege zijn politie­ke en religieuze explosiviteit. De bo­vendien daarmee verbonden schijnbaar onoplosbare problemen maakten de plaats tot Terra Incognita.

Ik geloof dat Ritmeyer uitstekend en ge­fundeerd werk gepresteerd heeft. Temeer daar hij oude bronnen als de Bijbel, de Talmoed en de Mishna en Josep­hus serieus neemt en er volledig reke­ning mee houdt.


Wat de reactie in Israel en in het Jodendom zal zijn, moet nog worden afgewacht. Tot nu toe waren er, voor zover ik weet, geen reacties. Voor ons is het verbazingwekkend om te zien, boe eens de plaats, die de heiligste was, ten tijde van de Tempel tot op heden behouden bleef. Dit ondanks zijn bewogen geschiedenis van de verschillende verwoestingen, veroveringen en herbouw.




Israel en de Palestijnse gebieden (c) 2010 | Deze site is gemaakt met Webklik.nl